Paradijsthese

cendrawasih-kecilCreatie met strelitzia bloemen (3)

 

 

 

 

God is een zeer overvloedige bron van al het goede.
Die eigenschap zien we terug als we nadenken over zijn schepping en over het daarin aanwezige paradijs. Dat paradijs was mooier dan de omgeving, want de rest van de wereld moest nog tot ontwikkeling gebracht worden. Aan het paradijs had God zelf de eerste hand gelegd, zodat het een goed bewoonbaar en afgeschermd gebied was.

God is niet alleen een overvloedige bron van al het goede, Hij is ook oneindig, almachtig, volkomen wijs, rechtvaardig en barmhartig. God heeft van te voren alle mogelijke scenario’s voorzien.
Hij heeft de mens een vrije keus gegeven binnen de grenzen die Hij bepaalde. Daarom heeft Hij zich niet afhankelijk gemaakt van de keuzes die mensen konden maken.
Hij heeft alles zo goed gemaakt, dat Hij hoe dan ook zijn doel met zijn schepping zal bereiken.

Inmiddels weten we dat we een nieuwe hemel en een nieuwe aarde mogen verwachten. Wij mensen hebben de aarde zo verknoeid dat we niet alleen allemaal moeten sterven om een nieuw onsterfelijk lichaam te kunnen ontvangen, maar de aarde moet ook helemaal gereinigd worden.
Er komt dus een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waarop God zijn oorspronkelijke plan zal realiseren.

Bij deze vernieuwde paradijsthese wil ik van achteren naar voren gaan kijken.
Vanuit onze toekomstverwachting wil ik teruggaan naar de schepping.
In de oude paradijsthese heb ik de omgekeerde beweging gemaakt, van Genesis naar Openbaring.

Zie daarvoor de geschiedenis.

Nu wil ik met de meest hoopvolle toekomstverwachting beginnen, waarin iedereen betrokken zal worden. Iedereen krijgt een tweede leven. God zal alles recht zetten en het oorspronkelijke doel met elk van zijn schepselen zal Hij met elk van hen bereiken.
Voorafgaand aan die schets over die prachtige toekomstverwachting geef ik eerst een korte introductie van de paradijsthese en een ingekorte onderbouwing van de late-alverzoening.

Ik sta open voor kritiek en aanvullingen. Graag wél op basis van bijbelse gegevens, want ik ga uit van de onfeilbaarheid van het Woord van God. Ook wil ik aan wetenschappelijke vastgestelde feiten niet tekort doen, want God openbaarde zichzelf ook in de natuur.